lijken, werkwoorden:sembler,ressembler, avoir l'air, rappeler, être comme,etc ...
Het werkwoord "lijken" of "lijken op" kan in het Nederlands op vele manieren gebruikt worden. In het Frans komt het echter aan op nuances in betekenis. De werkwoorden hierboven in het kader kunnen allemaal vertaald worden met "lijken", "gelijken", of "lijken op". "Il tient de sa mère" (van tenir de) = "hij lijkt op zijn moeder"; letterlijk is het "hij houdt dat van zijn moeder", en hier gaat het dus om een erfelijke eigenschap. "Se comparer à" = "vergeleken worden met", wat dus ook "lijken op" betekent. "Se rapprocher de" is "in de buurt komen van" en betekent dus ook "lijken op". Het werkwoord "rappeler", zoals bijvoorbeeld in "J'étais dans les Landes, cela me rappelait les dunes aux Pays-Bas", betekent letterlijk "deed me denken aan", en kan dus ook vertaald worden met "lijkt op". |
paraître: ik lijk
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Tegenwoordige tijd
|
Voltooid deelwoord
|
Verleden tijd
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Verleden voltooid deelwoord
|
Passé simple
|
Toekomende tijd
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Subjonctif Tegenwoordige tijd
|
Andere werkwoorden met een zelfde vervoeging als paraître
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
ressembler (+à): lijken op |
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Tegenwoordige tijd
|
Voltooid deelwoord
|
Verleden tijd
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Passé simple
|
Toekomende tijd
|
Verleden toekomende tijd
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Subjonctif tegenwoordige tijd
|
Conditionnel Tegenwoordige tijd
|
Conditionnel Verleden tijd
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Gebiedende wijs Tegenwoordige tijd
|
Andere werkwoorden met een zelfde vervoeging als ressembler
|
|